|

Ik kan het wel hoor mama!

Tanden poetsen ... wat een karwei!

Ik bouw een huis!

De juf vond mijn pizza lekker!

Wat een volle kar!

Snel de pizza leveren!

Ik weet alles over dieren!

Mijn huis heb ik voortaan ook mee!

Ik fiets naar een skelet!

Hallo?

Help me dokter, vlug!

Kijk juf ... zonder handen!

Bouwen voor mannen? Ach neen!

Niet storen ... druk aan 't werk!

Een rijbewijs? Oei! Nog niet!
|